Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La nacionalidad
[gender: feminine]
01
nationaliteit
condición de pertenecer legalmente a un país
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
nacionalidades
Voorbeelden
Ella tiene doble nacionalidad.
Ze heeft een dubbele nationaliteit.



























