Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
leer
01
lezen
interpretar y comprender un texto o palabras escritas
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
1e persoon enkelvoud
leo
3e persoon enkelvoud
lee
onvoltooid deelwoord
leyendo
onvoltooid verleden tijd
leí
voltooid deelwoord
leído
Voorbeelden
Deberías leer las obras completas de Shakespeare.
Je zou de volledige werken van Shakespeare moeten lezen.
02
lezen, ontcijferen
interpretar o adivinar los pensamientos o emociones de alguien
Voorbeelden
A ese jugador de póker es imposible leerle la cara.
Het is onmogelijk om het gezicht van die pokerspeler te lezen.
03
lezen
dedicar tiempo a la lectura o al estudio de un texto o materia
Voorbeelden
Yo leo todas las noches antes de dormir.
Ik lees elke avond voor het slapen gaan.
04
lezen, uitvoeren
ejecutar o procesar datos o instrucciones en una computadora
Voorbeelden
El dispositivo lee la tarjeta para iniciar.
Het apparaat leest de kaart om te starten.
05
presenteren, verdedigen
presentar o defender públicamente una tesis, trabajo o estudio para obtener un título académico
Voorbeelden
María va a leer su tesis mañana en la universidad.
María gaat haar proefschrift morgen aan de universiteit verdedigen.



























