Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La mañana
[gender: feminine]
01
ochtend
parte del día desde que amanece hasta el mediodía
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
mañanas
Voorbeelden
Trabajo mejor por la mañana.
Ik werk beter in de ochtend.
02
toekomst
tiempo futuro o los días que vienen
Voorbeelden
Hay que cuidar el planeta para el mañana.
We moeten voor de planeet zorgen voor morgen.
mañana
01
morgen, de volgende dag
el día siguiente al día de hoy
grammaticale informatie
niet vergelijkbaar
Voorbeelden
La reunión es mañana por la tarde.
De vergadering is morgen middag.



























