Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La mayoría
01
meerderheid
más de la mitad de un grupo de personas o cosas
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
vrouwelijk
Voorbeelden
La mayoría de los estudiantes aprobaron el examen.
De meerderheid van de studenten is geslaagd voor het examen.
02
meerderheid
la cantidad más grande de votos en una elección
Voorbeelden
La mayoría simple no fue suficiente.
De eenvoudige meerderheid was niet voldoende.



























