to impersonate
Pronunciation
/ˌɪmˈpɝsəˌneɪt/

Definitie en betekenis van "impersonate"in het Engels

to impersonate
01

nabootsen, zich voordoen als

to act or pretend to be someone else, typically for the purpose of entertainment or mimicry
Transitive: to impersonate sb
to impersonate definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
impersonate
3e persoon enkelvoud
impersonates
onvoltooid deelwoord
impersonating
onvoltooid verleden tijd
impersonated
voltooid deelwoord
impersonated
Voorbeelden
During the costume party, she decided to impersonate a famous historical figure.
Tijdens het kostuumfeest besloot ze een beroemde historische figuur te spelen.
02

nabootsen, zich voordoen als

to pretend to be someone else, usually for deceptive or fraudulent purposes
Transitive: to impersonate sb
to impersonate definition and meaning
Voorbeelden
The security guard stopped the individual who was attempting to impersonate an employee to gain access to the restricted area.
De bewaker stopte de persoon die probeerde zich voor te doen als een medewerker om toegang te krijgen tot het beperkte gebied.
03

nabootsen, imiteren

to imitate someone's voice, characteristics, or behavior to entertain others
Transitive: to impersonate sb
Voorbeelden
The contestant impersonated a pop star on the talent show and impressed the judges.
De deelnemer imiteerde een popster in de talentshow en imponeerde de jury.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store