granddaughter
grand
ˈgrænd
grānd
daugh
ˌdɔ:
daw
ter
tər
tēr
British pronunciation
/ˈɡrændˌdɔːtə/

Definitie en betekenis van "granddaughter"in het Engels

01

kleindochter, dochter van onze zoon of dochter

the daughter of our son or daughter
granddaughter definition and meaning
example
Voorbeelden
She made a special necklace for her newborn granddaughter.
Ze maakte een speciale ketting voor haar pasgeboren kleindochter.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store