Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
fractious
01
prikkelbaar, lichtgeraakt
easily getting annoyed, angry, or upset
Voorbeelden
He tried to avoid the fractious neighbor who was always complaining.
Hij probeerde de ruziewaardige buurman die altijd klaagde te vermijden.
02
onstabiel, defect
prone to malfunction, disruption, or instability
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
most fractious
vergrotende trap
more fractious
gradueerbaar
Voorbeelden
A fractious engine can derail an entire race.
Een lastige motor kan een hele race doen ontsporen.
03
opstandig, onhandelbaar
unruly, defiant, or unwilling to submit to rules or leadership
Voorbeelden
His fractious behavior made him a challenge for any manager.
Zijn opstandige gedrag maakte hem tot een uitdaging voor elke manager.



























