to found
Pronunciation
/ˈfaʊnd/

Definitie en betekenis van "found"in het Engels

to found
01

oprichten, stichten

to create or establish an organization or place, especially by providing the finances
Transitive: to found an organization or place
to found definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
found
3e persoon enkelvoud
founds
onvoltooid deelwoord
founding
onvoltooid verleden tijd
founded
voltooid deelwoord
founded
Voorbeelden
The city was founded by settlers in the 18th century.
De stad werd in de 18e eeuw door kolonisten gesticht.
02

oprichten, vestigen

to establish or set up the initial structure of something
Transitive: to found a place
Voorbeelden
The settlers founded a small village by the river.
De kolonisten richtten een klein dorpje op bij de rivier.
03

stichten, vestigen

to build or establish something based on a specific principle, idea, or belief
Transitive: to found sth on a basis
Voorbeelden
She founded her business on the idea that quality should never be compromised.
Ze richtte haar bedrijf op met het idee dat kwaliteit nooit mag worden aangetast.
01

voeding en onderdak, volpension

food and lodging provided in addition to wages or other payment
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
ontelbaar
Voorbeelden
The contract offered a small salary plus found.
Het contract bood een klein salaris plus kost en inwoning.
01

gevonden, ontdekt

discovered either by chance or after a search
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
voltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
most found
vergrotende trap
more found
gradueerbaar
Voorbeelden
The archaeologists displayed the found artifacts.
De archeologen toonden de gevonden artefacten.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store