Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
fondly
Voorbeelden
They looked fondly at old photographs, recalling happy moments.
Ze keken met genegenheid naar de oude foto's en herinnerden zich gelukkige momenten.
02
naïef, met verkeerd vertrouwen
in a way that shows foolish optimism or mistaken confidence
Voorbeelden
He fondly believed that money alone would win him friends.
Naïef, geloofde hij dat geld alleen hem vrienden zou opleveren.



























