ding-dong
ding
dɪng
ding
dong
dɔng
dawng
/dˈɪŋdˈɒŋ/

Definitie en betekenis van "ding-dong"in het Engels

01

domoor, sukkel

a silly, foolish, or empty-headed person
ding-dong definition and meaning
Informal
Voorbeelden
She called her brother a ding-dong for singing off-key so loudly.
Ze noemde haar broer een ding-dong omdat hij zo hard en vals zong.
02

ding-dong, belgeluid

the noise made by a bell
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store