to come with
come
kʌm
kam
with
wɪð
vidh

Definitie en betekenis van "come with"in het Engels

to come with
01

komen met, geassocieerd zijn met

to be inherently associated with an entity or an event 
to come with definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
toestandswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
with
basiswerkwoord
come
tegenwoordige tijd
come with
3e persoon enkelvoud
comes with
onvoltooid deelwoord
coming with
onvoltooid verleden tijd
came with
voltooid deelwoord
come with
Voorbeelden
Attending the workshop ensures you come with an active involvement in the learning sessions. 

Deelname aan de workshop zorgt ervoor dat je met actieve betrokkenheid komt bij de leersessies.

02

begeleiden, meekomen

(Upper Midwestern US) to accompany or join someone or something 
slang
Voorbeelden
I'm going to the store; would you like to come with? 

Ik ga naar de winkel; wil je meegaan?

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store