Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
coinciding
01
samenvallend, gelijktijdig
happening or done at the same time
Voorbeelden
The coinciding schedules of the two speakers led to a change in the event timeline.
De samenvallende schema's van de twee sprekers leidden tot een wijziging in de tijdlijn van het evenement.
Lexicale Boom
coinciding
coincide



























