Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to scrike
01
gillen, schreeuwen
to shriek or screech loudly
Dialect
British
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
scrike
3e persoon enkelvoud
scrikes
onvoltooid deelwoord
scriking
onvoltooid verleden tijd
scriked
voltooid deelwoord
scriked
Voorbeelden
The brakes scriked as the car stopped suddenly.
De remmen scrikten toen de auto plotseling stopte.
02
huilen, tranen vergieten
to cry or shed tears
Dialect
British
slang
Voorbeelden
He scriked when he heard the bad news.
Hij scriked toen hij het slechte nieuws hoorde.



























