Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to teem with
[phrase form: teem]
01
wemelen van, vol zijn van
to be filled with a lot of something, indicating a lively and busy atmosphere
Transitive: to teem with sb/sth
Voorbeelden
As the concert began, the auditorium teemed with excited fans eagerly awaiting the performance.
Toen het concert begon, wemelde het auditorium van opgewonden fans die reikhalzend uitkeken naar de optreden.



























