Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Fraudster
01
fraudeur, oplichter
a person who deceives others to gain money, particularly in business transactions
Dialect
British
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
fraudsters
Voorbeelden
The police arrested the fraudster for selling fake products online under the guise of a legitimate business.
De politie heeft de oplichter gearresteerd voor het online verkopen van nep-producten onder de dekmantel van een legitiem bedrijf.



























