Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to insist on
01
staan op, eisen
to demand something firmly and persistently
Transitive: to insist on sth | to insist on doing sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
on
basiswerkwoord
insist
tegenwoordige tijd
insist on
3e persoon enkelvoud
insists on
onvoltooid deelwoord
insisting on
onvoltooid verleden tijd
insisted on
voltooid deelwoord
insisted on
Voorbeelden
The customer insisted on a replacement for the damaged product.
De klant stond erop een vervanging voor het beschadigde product te krijgen.
02
volharden in, aanhouden met
to keep doing something even if other people find it annoying or bothersome
Transitive: to insist on doing sth
Voorbeelden
Despite his friends finding it annoying, he insisted on telling his long-winded stories.
Ondanks dat zijn vrienden het vervelend vonden, stond hij erop om zijn langdradige verhalen te vertellen.



























