Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Barcode
01
barcode, streepjescode
a row of black and white lines printed on a product that contain information such as its price, readable only by a computer
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
barcodes
Voorbeelden
The cashier scanned the barcode on each item to ring up the customer's purchases.
De kassamedewerker scant de barcode op elk artikel om de aankopen van de klant te registreren.
to barcode
01
voorzien van een barcode, labelen met een barcode
to put a special pattern of lines on something so a machine can read information about it
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
barcode
3e persoon enkelvoud
barcodes
onvoltooid deelwoord
barcoding
onvoltooid verleden tijd
barcoded
voltooid deelwoord
barcoded
Voorbeelden
The staff barcoded the new items quickly.
Het personeel heeft de nieuwe items snel voorzien van een barcode.
Lexicale Boom
barcode
bar
code



























