to warn
warn
wɔ:n
vawn
barndarnyarn

Definitie en betekenis van "warn"in het Engels

to warn
01

waarschuwen, verwittigen

to tell someone in advance about a possible danger, problem, or unfavorable situation 
Transitive: to warn sb of a danger or problem | to warn sb about a danger or problem
to warn definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
warn
3e persoon enkelvoud
warns
onvoltooid deelwoord
warning
onvoltooid verleden tijd
warned
voltooid deelwoord
warned
Voorbeelden
The weather forecast warned residents of an approaching storm. 

De weersvoorspelling waarschuwde inwoners voor een naderende storm.

02

waarschuwen, vermanen

advise or counsel in terms of someone's behavior 
Ditransitive: to warn sb to do sth | to warn sb against sth
Transitive: to warn against sth
Voorbeelden
The teacher warned the students not to plagiarize their assignments. 

De leraar waarschuwde de leerlingen om hun opdrachten niet te plagieren.

03

waarschuwen, verwittigen

to inform or alert someone about something before it happens 
Ditransitive: to warn sb that
Voorbeelden
The teacher warned the students that there would be a quiz the following day. 

De leraar waarschuwde de leerlingen dat er de volgende dag een quiz zou zijn.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store