traveling
tra
ˈtræ
trā
ve
ling
lɪng
ling
British pronunciation
/ˈtrævəlɪŋ/
travelling

Definitie en betekenis van "traveling"in het Engels

01

reizen, verplaatsing

the activity or act of going from one place to another, particularly over a long distance
traveling definition and meaning
example
Voorbeelden
She misses traveling, as the pandemic limited her ability to go abroad.
Ze mist reizen, omdat de pandemie haar mogelijkheid om naar het buitenland te gaan beperkte.
02

lopen, stappen

(basketball) the act of moving without dribbling the ball, resulting in a turnover
example
Voorbeelden
She was penalized for traveling after shuffling her feet without dribbling.
Ze werd bestraft voor lopen nadat ze haar voeten had gesleept zonder te dribbelen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store