Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to trammel
01
beperken, begrenzen
place limits on (extent or amount or access)
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
trammel
3e persoon enkelvoud
trammels
onvoltooid deelwoord
trammeling
onvoltooid verleden tijd
trammeled
voltooid deelwoord
trammeled
02
vangen, in de val lokken
catch in or as if in a trap
Trammel
01
boei, beperking
a restraint that confines or restricts freedom (especially something used to tie down or restrain a prisoner)
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
trammels
02
een belemmering, een rem
a restraint that is used to teach a horse to amble
03
verstelbare pot haak, verstelbare haak voor in de open haard
an adjustable pothook set in a fireplace
04
een visnet met drie lagen; de buitenste twee zijn grofmazig en de losse binnenlaag is fijnmazig, een trammel
a fishing net with three layers; the outer two are coarse mesh and the loose inner layer is fine mesh



























