Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to swing around
[phrase form: swing]
01
zich abrupt omdraaien, rondzwaaien
to turn suddenly and face the opposite direction
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
around
basiswerkwoord
swing
tegenwoordige tijd
swing around
3e persoon enkelvoud
swings around
onvoltooid deelwoord
swinging around
onvoltooid verleden tijd
swung around
voltooid deelwoord
swung around
Voorbeelden
As the door creaked open, she swung around to see who had entered the room.
Toen de deur piepend open ging, draaide ze zich plotseling om om te zien wie de kamer was binnengekomen.



























