Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to size up
01
inschatten, beoordelen
to examine someone or something in order to form a judgment
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
up
basiswerkwoord
size
tegenwoordige tijd
size up
3e persoon enkelvoud
sizes up
onvoltooid deelwoord
sizing up
onvoltooid verleden tijd
sized up
voltooid deelwoord
sized up
Voorbeelden
When buying a used car, it's wise to size up its condition and history before making a purchase.
Bij het kopen van een gebruikte auto is het verstandig om de staat en geschiedenis ervan te beoordelen voordat u tot aankoop overgaat.



























