Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to bedeck
01
versieren, tooien
to decorate lavishly, often with various ornaments or embellishments
Transitive: to bedeck sth with ornaments
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
bedeck
3e persoon enkelvoud
bedecks
onvoltooid deelwoord
bedecking
onvoltooid verleden tijd
bedecked
voltooid deelwoord
bedecked
Voorbeelden
For the grand celebration, they decided to bedeck the banquet hall with sparkling lights and luxurious drapes.
Voor het grote feest besloten ze de feestzaal te versieren met fonkelende lichten en luxueuze gordijnen.



























