ache
ache
eɪk
eik
British pronunciation
/eɪk/

Definitie en betekenis van "ache"in het Engels

01

pijn, zeur

a continuous pain in a part of the body, often not severe
ache definition and meaning
example
Voorbeelden
My grandmother always complains about an ache in her leg.
Mijn grootmoeder klaagt altijd over een pijn in haar been.
to ache
01

pijn doen, lijden

to feel a prolonged physical pain in a part of one's body, especially one that is not severe
Intransitive
to ache definition and meaning
example
Voorbeelden
When the weather changes, some people's joints ache due to sensitivity.
Wanneer het weer verandert, doen de gewrichten van sommige mensen pijn vanwege gevoeligheid.
02

hunkeren, verlangen

to experience a powerful and enduring longing or yearning for something or someone who is absent
Intransitive: to ache for sth
example
Voorbeelden
The old photographs made her ache for the carefree summers of her childhood.
De oude foto's deden haar verlangen naar de zorgeloze zomers van haar jeugd.
03

pijn doen, pijn veroorzaken

to cause a persistent or dull pain
Intransitive
example
Voorbeelden
The hunger in her stomach ached, making her long for food.
De honger in haar maag deed pijn, waardoor ze naar eten verlangde.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store