riff
riff
rɪf
rif
/ɹˈɪf/

Definitie en betekenis van "riff"in het Engels

01

een riff, een herhalend muzikaal patroon

a short, repeated musical pattern found in both jazz and popular music, serving as a prominent and recognizable element within a song or composition
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
riffs
Voorbeelden
The DJ sampled a famous hip-hop riff in their remix.
De DJ bemonsterde een beroemde hip-hop riff in hun remix.
02

Riff, Riffiaan

a Berber ethnic group native to the Rif region in northern Morocco
Voorbeelden
Festivals celebrate Riff identity and heritage.
Festivals vieren de Rif-identiteit en -erfgoed.
to riff
01

een riff spelen, een riff improviseren

to play a short, repeated musical phrase, often as an accompaniment or improvisation
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
riff
3e persoon enkelvoud
riffs
onvoltooid deelwoord
riffing
onvoltooid verleden tijd
riffed
voltooid deelwoord
riffed
Voorbeelden
The band began to riff spontaneously during the jam session.
De band begon spontaan te improviseren tijdens de jam-sessie.
02

doorbladeren, snel doorlezen

to browse a book or other written material casually
Voorbeelden
She rifled through her papers to find the missing page.
Ze bladerde door haar papieren om de ontbrekende pagina te vinden.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store