Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to relish
01
genieten van, smetten
to enjoy or take pleasure in something greatly
Transitive: to relish sth
Voorbeelden
They relished spending time together as a family, cherishing each moment.
Ze genoten ervan om als gezin tijd samen door te brengen, waarbij ze elk moment koesterden.
Relish
01
kruiden, relish
a condiment of hot or savory taste that is served with meat, cheese, etc.
Voorbeelden
He prepared a homemade pickle relish by chopping cucumbers and mixing them with vinegar and spices.
Hij maakte een zelfgemaakte relish door komkommers te hakken en te mengen met azijn en kruiden.
02
genot, plezier
vigorous and enthusiastic enjoyment
03
smaak, genot
the taste experience when a savoury condiment is taken into the mouth
Lexicale Boom
relishing
relish



























