to parch
Pronunciation
/ˈpɑɹtʃ/

Definitie en betekenis van "parch"in het Engels

to parch
01

uitdrogen, verdrogen

to make excessively dry by removing moisture from an object, substance, or surface
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
parch
3e persoon enkelvoud
parches
onvoltooid deelwoord
parching
onvoltooid verleden tijd
parched
voltooid deelwoord
parched
Voorbeelden
If it does n't rain soon, the drought will parch more land.
Als het niet snel regent, zal de droogte meer land uitdrogen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store