Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Occasion
01
gelegenheid, evenement
an official or special ceremony or event
Voorbeelden
The anniversary party was a joyous occasion, with music, dancing, and laughter.
Het jubileumfeest was een vreugdevolle gelegenheid, met muziek, dans en gelach.
02
gelegenheid, gebeurtenis
the time at which a particular event happens
Voorbeelden
We commemorate this historic occasion with a special ceremony.
We herdenken deze historische gelegenheid met een speciale ceremonie.
03
oorzaak, oorsprong
the cause of something
Voorbeelden
The team 's victory provided the occasion for great pride and celebration among the fans.
De overwinning van het team bood de aanleiding voor grote trots en viering onder de fans.
04
gelegenheid, kans
an opportunity to do something
05
gelegenheid, evenement
the time of a particular event
to occasion
01
veroorzaken, teweegbrengen
to bring about something
Transitive: to occasion sth
Voorbeelden
The alarming rise in pollution levels occasioned a call for stricter environmental regulations.
De alarmerende stijging van de vervuilingsniveaus veroorzaakte een oproep tot strengere milieuregels.
Lexicale Boom
occasional
occasion



























