mentor
mentor
'mɛntɔ:
mentaw
centaur

Definitie en betekenis van "mentor"in het Engels

01

mentor, gids

a reliable and experienced person who helps those with less experience 
mentor definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
mentors
Voorbeelden
The aspiring artist found a mentor who provided valuable feedback and encouragement to help him develop his artistic skills. 

De aspirant-kunstenaar vond een mentor die waardevolle feedback en aanmoediging bood om hem te helpen zijn artistieke vaardigheden te ontwikkelen.

to mentor
01

mentoren, begeleiden

to act as the supervisor or teacher of someone less experienced 
Transitive: to mentor someone less experienced
to mentor definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
mentor
3e persoon enkelvoud
mentors
onvoltooid deelwoord
mentoring
onvoltooid verleden tijd
mentored
voltooid deelwoord
mentored
Voorbeelden
The seasoned entrepreneur agreed to mentor the young startup founder, offering insights and advice. 

De ervaren ondernemer stemde ermee in om de jonge startup-oprichter te mentoren, waarbij hij inzichten en advies bood.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store