to lug
Pronunciation
/ˈɫəɡ/

Definitie en betekenis van "lug"in het Engels

to lug
01

slepen, zeulen

to transport or haul something heavy or cumbersome with effort
Transitive: to lug sth somewhere
to lug definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
bewegingswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
lug
3e persoon enkelvoud
lugs
onvoltooid deelwoord
lugging
onvoltooid verleden tijd
lugged
voltooid deelwoord
lugged
Voorbeelden
She decided to lug the boxes of books to the new library location, one at a time.
Ze besloot de dozen met boeken naar de nieuwe bibliotheeklocatie te slepen, een voor een.
01

sukkel, lomperik

a large, clumsy, or slow-witted person
lug definition and meaning
informal
Voorbeelden
Move it, you great lug – you're blocking the whole aisle.
Beweeg je, sukkel – je blokkeert het hele gangpad.
02

oor, uitsteeksel

a projecting piece that is used to lift or support or turn something
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
lugs
03

een zeil met vier hoeken dat wordt gehesen vanaf een ra die schuin staat ten opzichte van de mast, lugzeil

a sail with four corners that is hoisted from a yard that is oblique to the mast
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store