zerreißen
zerreißen
t͡sɛʁaɪ̯sən
tseraisēn
zerredenzerreibenzerbeißen

Definitie en betekenis van "zerreißen"in het Duits

zerreißen
01

scheuren, aan stukken scheuren

Etwas mit Gewalt in Stücke reißen 
zerreißen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
sterk
scheidbaar
partikel
zer
basiswerkwoord
reißen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
zerreiße
3e persoon enkelvoud
zerreißt
onvoltooid deelwoord
zerreißend
onvoltooid verleden tijd
zerriss
voltooid deelwoord
zerrissen
Voorbeelden
Sie zerriss den Brief wütend in kleine Stücke. 

Ze scheurde de brief woedend in kleine stukjes.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store