Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
verstecken
01
verbergen, verstoppen
Etwas so legen oder stellen, dass es niemand sieht oder findet
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
ver
basiswerkwoord
stecken
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
verstecke
3e persoon enkelvoud
versteckt
onvoltooid deelwoord
versteckend
onvoltooid verleden tijd
versteckte
voltooid deelwoord
versteckt
Voorbeelden
Versteck bitte deine Sachen besser!
Verberg je spullen alsjeblieft beter!
02
zich verstoppen
Sich selbst an einen Ort begeben, wo man nicht gesehen oder gefunden wird
Voorbeelden
Sie verstecken sich vor dem Lehrer.
Zij verbergen zich voor de leraar.



























