versetzen
Pronunciation
/fɛɐ̯ˈzɛt͡sn̩/

Definitie en betekenis van "versetzen"in het Duits

versetzen
01

overplaatsen, verplaatsen

Jemanden an einen anderen Arbeitsplatz oder Ort verschieben, oft aus organisatorischen oder gesundheitlichen Gründen
versetzen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
ver
basiswerkwoord
setzen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
versetze
3e persoon enkelvoud
versetzt
onvoltooid deelwoord
versetzend
onvoltooid verleden tijd
versetzte
voltooid deelwoord
versetzt
Voorbeelden
Der Soldat wurde in eine andere Einheit versetzt.
De soldaat werd overgeplaatst naar een andere eenheid.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store