Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
versinken
[past form: versank]
01
zinken, verzinken
Tief in etwas hineingehen oder darin untergehen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
ver
basiswerkwoord
sinken
hulpwerkwoord
sein
1e persoon enkelvoud
versinke
3e persoon enkelvoud
versinkt
onvoltooid deelwoord
versinkend
onvoltooid verleden tijd
versank
voltooid deelwoord
versunken
Voorbeelden
Das Auto versank im Schlamm.
De auto zonk weg in de modder.



























