vergrößern
Pronunciation
/fɛɐ̯ˈɡʀøːsɐn/

Definitie en betekenis van "vergrößern"in het Duits

vergrößern
01

vergroten, uitbreiden

Etwas in seiner Größe oder Ausdehnung erhöhen
vergrößern definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
ver
basiswerkwoord
größern
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
vergrößere
3e persoon enkelvoud
vergrößert
onvoltooid deelwoord
vergrößernd
onvoltooid verleden tijd
vergrößerte
voltooid deelwoord
vergrößert
Voorbeelden
Kannst du diese PDF-Datei vergrößern? Sie ist zu klein zum Lesen.
Kun je dit PDF-bestand vergroten? Het is te klein om te lezen.
02

vergroten, uitbreiden

In der Größe zunehmen
vergrößern definition and meaning
Voorbeelden
Seine Augen vergrößerten sich vor Staunen.
Zijn ogen verbreedden zich van verbazing.
03

vergroten, uitbreiden

Größer werden
Voorbeelden
Die Leber vergrößert sich bei Hepatitis.
De lever vergroten bij hepatitis.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store