verbrauchen
Pronunciation
/fɛɐ̯ˈbʀaʊ̯χən/

Definitie en betekenis van "verbrauchen"in het Duits

verbrauchen
01

verbruiken, gebruiken

Etwas aufbrauchen oder nutzen, bis nichts mehr übrig ist
verbrauchen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
ver
basiswerkwoord
brauchen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
verbrauche
3e persoon enkelvoud
verbraucht
onvoltooid deelwoord
verbrauchend
onvoltooid verleden tijd
verbrauchte
voltooid deelwoord
verbraucht
Voorbeelden
Sie hat alle Vorräte verbraucht.
Ze heeft alle voorraden verbruikt.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store