starten
starten
ʃtaʁtn
shtartn
starren

Definitie en betekenis van "starten"in het Duits

starten
01

starten

Etwas beginnen oder in Gang setzen, z. B. ein Gerät, ein Programm oder ein Projekt 
starten definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
sein
1e persoon enkelvoud
starte
3e persoon enkelvoud
startet
onvoltooid deelwoord
startend
onvoltooid verleden tijd
startete
voltooid deelwoord
gestartet
Voorbeelden
Ich starte den Laptop für die Präsentation. 

Ik start de laptop voor de presentatie.

02

vertrekken, in beweging komen

Sich in Bewegung setzen oder beginnen, sich fortzubewegen 
starten definition and meaning
Voorbeelden
Der Zug startet um 14 Uhr. 

De trein vertrekt om 14:00 uur.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store