das Rauchen
Pronunciation
/ˈʁaʊ̯xən/

Definitie en betekenis van "rauchen"in het Duits

Das Rauchen
[gender: neuter]
01

roken, tabaksgebruik

Der Akt des Tabakkonsums
das Rauchen definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
ontelbaar
geslacht
onzijdig
genitiefvorm
Rauchens
Voorbeelden
Das Rauchen schadet der Gesundheit.
Roken schaadt de gezondheid.
rauchen
01

roken, tabak roken

Tabak durch Einatmen von Rauch konsumieren
rauchen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
rauche
3e persoon enkelvoud
raucht
onvoltooid deelwoord
rauchend
onvoltooid verleden tijd
rauchte
voltooid deelwoord
geraucht
Voorbeelden
Sie hat vor 5 Jahren aufgehört zu rauchen.
Ze is 5 jaar geleden gestopt met roken.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store