Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
proben
01
repeten, oefenen
Etwas üben oder vorbereiten, besonders für eine Aufführung oder Präsentation
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
probe
3e persoon enkelvoud
probt
onvoltooid deelwoord
probend
onvoltooid verleden tijd
probte
voltooid deelwoord
geprobt
Voorbeelden
Sie probt ihre Rede vor dem Spiegel.
Ze oefent haar toespraak voor de spiegel.



























