pendeln
Pronunciation
/ˈpɛndl̩n/

Definitie en betekenis van "pendeln"in het Duits

pendeln
01

pendelen, forensen

Regelmäßig zwischen zwei Orten hin- und herfahren
pendeln definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
bewegingswerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
pendle
3e persoon enkelvoud
pendelt
onvoltooid deelwoord
pendelnd
onvoltooid verleden tijd
pendelte
voltooid deelwoord
gependelt
Voorbeelden
Sie pendelt seit Jahren von ihrem Wohnort ins Büro.
Ze pendelt al jaren van haar woonplaats naar het kantoor.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store