Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
multiplizieren
01
vermenigvuldigen, een vermenigvuldiging uitvoeren
Eine Zahl mit einer anderen Zahl vervielfachen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
multipliziere
3e persoon enkelvoud
multipliziert
onvoltooid deelwoord
multiplizierend
onvoltooid verleden tijd
multiplizierte
voltooid deelwoord
multipliziert
Voorbeelden
Wenn du 4 mit 5 multiplizierst, erhältst du 20.
Als je 4 met 5 vermenigvuldigt, krijg je 20.



























