Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
locken
01
aantrekken, verleiden
Jemanden oder etwas durch Reize anziehen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
locke
3e persoon enkelvoud
lockt
onvoltooid deelwoord
lockend
onvoltooid verleden tijd
lockte
voltooid deelwoord
gelockt
Voorbeelden
Die Stadt lockt junge Familien mit guten Schulen.
De stad trekt jonge gezinnen aan met goede scholen.



























