Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
leihen
01
lenen, verhuren
Etwas für eine bestimmte Zeit jemandem geben
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
leihe
3e persoon enkelvoud
leiht
onvoltooid deelwoord
leihend
onvoltooid verleden tijd
lieh
voltooid deelwoord
geliehen
Voorbeelden
Er hat ihr sein Auto für einen Tag geliehen.
Hij heeft haar zijn auto voor een dag geleend.
02
lenen, uitlenen
Etwas für eine bestimmte Zeit von jemandem nehmen
Voorbeelden
Wir leihen uns einen Film aus.
Wij lenen een film.



























