lackieren
la
la
la
ckie
ˈki:
ki
ren
rən
rēn

Definitie en betekenis van "lackieren"in het Duits

lackieren
01

verven, lakken

Eine Oberfläche mit Lack streichen oder besprühen, um sie zu schützen oder zu verschönern 
lackieren definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
lackiere
3e persoon enkelvoud
lackiert
onvoltooid deelwoord
lackierend
onvoltooid verleden tijd
lackierte
voltooid deelwoord
lackiert
Voorbeelden
Er lackiert den Fahrradrahmen blau. 

Hij verft het fietsframe blauw.

02

nagels lakken, nagels verven

Sich die Fingernägel oder Zehennägel mit Nagellack verschönern 
lackieren definition and meaning
Voorbeelden
Sie lackiert sich die Nägel rot. 

Ze lakt haar nagels rood.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store