der kalender
kalender
kalendɐ
kalend
geländersender

Definitie en betekenis van "kalender"in het Duits

01

kalender, agenda

Etwas, das Tage, Wochen und Monate zeigt 
der Kalender definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
genitiefvorm
Kalenders
meervoudsvorm
Kalender
Voorbeelden
Ich schreibe meinen Termin in den Kalender. 

Ik schrijf mijn afspraak in de kalender.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store