grillen
gri
ˈgʁɪ
gri
llen
lən
lēn
grollen

Definitie en betekenis van "grillen"in het Duits

grillen
01

grillen, barbecueën

speisen über offenem Feuer oder auf einem Grill garen 
grillen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
grille
3e persoon enkelvoud
grillt
onvoltooid deelwoord
grillend
onvoltooid verleden tijd
grillte
voltooid deelwoord
gegrillt
Voorbeelden
Wir grillen heute im Garten. 

Vandaag grillen we in de tuin.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store