Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
genügen
[past form: genügte]
01
volstaan, voldoende zijn
Ausreichend sein
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
genüge
3e persoon enkelvoud
genügt
onvoltooid deelwoord
genügend
onvoltooid verleden tijd
genügte
voltooid deelwoord
genügt
Voorbeelden
Deine Erklärung genügt mir nicht.
Je uitleg volstaat niet voor mij.



























