Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
erreichen
01
bereiken, halen
An ein Ziel oder einen Ort kommen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
er
basiswerkwoord
reichen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
erreiche
3e persoon enkelvoud
erreicht
onvoltooid deelwoord
erreichend
onvoltooid verleden tijd
erreichte
voltooid deelwoord
erreicht
Voorbeelden
Der Zug erreicht Berlin um 18 Uhr.
De trein bereikt Berlijn om 18:00 uur.
02
bereiken, verwezenlijken
Ein Ziel oder Ergebnis schaffen
Voorbeelden
Sie möchte einen hohen Abschluss erreichen.
Ze wil een hoge graad bereiken.



























