Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
ergeben
01
produceren, geven
Ein Resultat oder Ergebnis hervorbringen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
sterk
onscheidbaar
partikel
er
basiswerkwoord
geben
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
ergebe
3e persoon enkelvoud
ergibt
onvoltooid deelwoord
ergebend
onvoltooid verleden tijd
ergab
voltooid deelwoord
ergeben
Voorbeelden
Seine Recherchen ergaben wichtige Hinweise.
Zijn onderzoek leverde belangrijke aanwijzingen op.
02
zich overgeven, capituleren
Auf Widerstand verzichten und sich unterwerfen
Voorbeelden
Der Verbrecher ergab sich der Polizei.
De crimineel gaf zich over aan de politie.



























