Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
eintreten
01
toetreden, lid worden
Mitglied einer Gruppe oder Organisation werden
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
sterk
scheidbaar
partikel
ein
basiswerkwoord
treten
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
trete ein
3e persoon enkelvoud
tritt ein
onvoltooid deelwoord
eintretend
onvoltooid verleden tijd
trat ein
voltooid deelwoord
eingetreten
Voorbeelden
Mein Bruder ist in die Freiwillige Feuerwehr eingetreten.
Mijn broer is toegetreden tot de vrijwillige brandweer.
Lexicale Boom
eintreten
ein
treten



























